‘Generatie-onkunde’ serieus nemen

Er zijn veel omstandigheden die arbeidsparticipatie in de weg kunnen zitten, ziekte of handicap, sociale of kennis-achterstand of te jonge of te oude leeftijd. Latere leeftijd blijft een bijzondere factor die er toe kan leiden dat mensen zich zelf uitsluiten (‘ik heb nu recht op mijn pensioen’) of door ‘de markt’ uitgesloten worden (‘u bent te oud voor de functie’). Toch is bij de oudere groep veel winst te halen. Langer doorwerken zal een samenleving financieel-economisch beschouwd inkomsten opleveren en kosten besparen. Een wenselijke situatie waar best nog meer op te verdienen valt. De komende decennia zal de disbalans werkenden - niet-werkenden verder toenemen. De verwachting (Van Duin, 2009) is dat in het jaar 2040 een kwart van de bevolking 65 jaar of ouder is. Tegen die tijd, maar eerder is beter is het gewenst dat iets slims bedacht wordt om ouderen actief te houden voor de arbeidsmarkt. Langer doorwerken heeft ook andere voordelen: meedoen houdt mentaal gezond en vitaal.

De oplossing ligt bij de bereidwilligheid van de ouderen zelf maar ook bij de beeldvorming, bijvoorbeeld door jongeren die de ouderen in dienst houden of nemen. ‘Al de veertig gepasseerd en uw baas gaat beoordelen wat uw toekomstige inzetbaarheid is? Dan mag u hopen dat uw baas ook 40-plus is. Een jonge baas heeft namelijk een veel ongunstiger beeld van de inzetbaarheid (in jargon: employability) van oudere werknemers dan een oudere baas’. Dat blijkt uit onderzoek van hoogleraar Beate van der Heijden, verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

 

De uitkomsten van haar onderzoek vindt Van der Heijden ‘heel zorgwekkend’. Interessant bijkomstig effect is dat als mensen meer inter-generationele interactie hebben, het leeftijdseffect minder wordt. Leeftijdsdiversiteit houdt jong. ‘Maar heel veel leidinggevenden zijn te weinig in contact met hun ondergeschikten om betrouwbaar en valide over hun expertise te kunnen oordelen. Dat geldt vooral voor hogeropgeleiden, vaak specialisten die solitair werken. Als je iemands werk minder goed kunt beoordelen, laat je je eerder leiden door stereotypen, bijvoorbeeld op grond van leeftijd.’

Conclusie langer doorwerken is een complex onderwerp waarbij beeldvorming door ouderen zelf en door anderen, bijvoorbeeld werkgevers een rol speelt. Zodra ouderen wel de kans hebben langer door te werken lijkt dat alleen maar gunstige effecten te hebben, ze blijven vitaler en gedragen zich jonger. Er is veel onderzocht en er wordt veel geschreven over de situatie van oudere werknemers/werkzoekenden in artikelen en blogs etc. Eerst, in de jaren 80 lag het accent op vermogens, fysieke en mentale. Later kwamen ook sociaal-psychologische mechanismen aan de orde met veel belovende begrippen zoals (duurzame) inzetbaarheid en vitaliteitsbeleid. Nu lijkt het nodig om in te zetten op beeldvorming, het wegnemen van vooroordelen. Toch komt het maar steeds niet tot een structureel,  praktisch, toekomstbestendig interventieplan gericht op langer doorwerken. Investeren in de toekomst kan hier zeer lonend zijn. Wat denkt u, voor wie zal die investering lonend zijn?

Voor nieuwe en vorige blogs follow me @roelcremer

Zie onze inspiratielijst voor meer informatie over boekbesprekingen tijdens een DinerPensant