Leve de verwarring!

Misschien moeten we de onzekerheid koesteren.  Het ongewisse, het niet weten welke kant het  op moet gaan, de basale twijfel ruimte geven.  Hoe zou dat voelen? Ik stel me voor dat we dan een soort gewichtloosheid ervaren die Andre Kuipers in zijn ruimtevaartuig beleeft. Het zweven in een ruimte waarin onder en boven niet meer bestaat en gewicht er niet meer toe doet. Stel je voor dat opeens een fundamentele wetmatigheid, zoals de zwaartekracht, er niet meer is. Wat gebeurt er wanneer zekerheden die boven elke twijfel verheven leken plotseling niet meer bestaan? 

Onlangs heb ik met een groep iets ervaren dat  in de buurt komt van dit gevoel. Ik leidde een werkgroep door een proces gebaseerd op TheoryU van Otto Scharmer. Scharmer beschrijft wat er gebeurt wanneer ‘the blind spot’ wordt bereikt.  Op dat moment lijkt de tijd tot stilstand te komen, ontstaat verwarring en lijkt de lucht te trillen van energie. Dan ontstaan, als uit het niets, nieuwe inzichten. Er gaan deuren open op plekken waarvan niemand dacht dat er deuren zaten. Daarna gaat het snel. In enkele minuten tijd worden kernideeën zichtbaar die de basis vormen van toekomstige oplossingen voor het vraagstuk.

In de groep die ik begeleidde bereikten we dit punt tijdens een tweedaagse. We hadden het vraagstuk waarop we ons richtten van alle kanten bekeken. Ik stond voor een scherm dat volgeplakt was met stickertjes waarop associaties en ideeën waren genoteerd. Het was aan het einde van de tweede dag en iedereen was moe na 2 dagen onafgebroken hard werken. We keken naar dit scherm en enkele mensen zeiden dat ze de weg kwijt waren, dat ze niet meer wisten wat we aan het doen waren, dat elke structuur leek te ontbreken. Een gevoel van lichte wanhoop hoorde ik in hun stemmen. Op dat moment ervoer ik het soort gewicht- en tijdloosheid die Scharmer beschrijft. Iemand zei: ik zie een patroon. Kijkend naar het vel met gele plakkertjes viel ons nu een aantal patronen op die we nog niet eerder hadden gezien. In enkele ogenblikken tijd konden we de geeltjes groeperen tot een vijftal combinaties die elk van zich oplossingen in zich hadden. Het was alsof de hemel openbrak. We bespraken met elkaar kernachtig elk van de prototypes, zoals Scharmer die noemt: wat is het verhaal, hoe zit het financieel, wie zijn er bij betrokken, wat is de innovatie. Elk prototype bleek goed onderbouwd te kunnen worden en belangrijker nog: een goede bijdrage te leveren aan de financiële dimensie van het vraagstuk. En ook bijzonder, ondanks de vermoeidheid straalden de deelnemers van de energie, het was bijna tastbaar.

Met regelmaat denk ik nog terug aan wat daar gebeurde en dan vooral dat moment van verwarring, van verloren voelen, waarop de tijd bijna stil lijkt te staan. Het verlies van zekerheden is misschien wel één van de mooiste dingen die je kan overkomen, het geeft ruimte voor vernieuwing. Misschien moeten we ons vaker voorstellen dat de zwaartekracht onder onze overtuigingen opeens wegvalt en onze ideeën als vrije elementen door de ruimte zweven. Kunnen we dan niet allemaal Andre Kuipertjes zijn die vanuit zijn positie verbanden ziet die ons allang niet meer opvallen? En ons verwonderen over de schoonheid van dat alles?